Neem vrijblijvend contact met ons op: +31 (0) 24 645 00 66

Wat is lasrook?

Bij laswerkzaamheden en aanverwante processen komt lasrook vrij. Tijdens het lassen loop je kans deze lasrook in te ademen. Lasrook kan bij inademen ernstige schade aan de luchtwegen veroorzaken, daarnaast kan lasrook in sommige gevallen vruchtbaarheidsproblemen of zelfs kanker veroorzaken. Het is dus van groot belang om de blootstelling aan lasrook en eventuele componenten hierin te minimaliseren. Lasrook bestaat uit meerdere stoffen in deze blog leggen we uit waaruit lasrook bestaat en wat de gevaren zijn.

lasrook

Stof in de lasrook

Lasrook is een verzamelterm voor het mengsel van gassen, dampen en deeltjes dat vrijkomt bij lassen en aanverwante processen. Aanverwante processen kunnen zijn: slijpen, gutsen, schuren, snijden, etc. In lasrook komt een grote verscheidenheid aan deeltjes voor met zeer uiteenlopende diameter. Onderstaande afbeelding toont de range van deeltjes in lasrook op basis van diameter.

lasdamp stofdeeltjes

Verschillende gassen in lasrook

Naast bovenstaande stofdeeltjes komen er ook gassen en dampen voor in lasrook die schadelijk kunnen zijn. Veel voorkomende gassen zijn helium (He), argon (Ar), ozon (O3), stikstofoxiden (NO, NO2), koolstofoxiden (CO, CO2) en fosgeen.

Andere gassen die in het lasrookmengsel voorkomen, zijn de gassen die kunnen zijn toegevoegd tijdens het lasproces als (be)schermgas (argon, helium, stikstofdioxide, koolstofdioxide) of zijn ontstaan tijdens het lasproces (ozon, onder invloed van UV-licht).

lasdamp gassen

figuur 2 – lasrookemissie bij verschillende lastechnieken (Pors 2002)

Keuze voor een (met poeder) gevulde lasdraad leidt eveneens tot het vrijkomen van meer lasrook vergeleken met een massieve draad, hoewel de nieuwe generatie gevulde draden schoner is dan voorheen. Er zijn nu al gevulde draden die minder rook ontwikkelen dan traditionele massieve draden.

Metalen in lasrook

Het merendeel van de verwerkte materialen betreft ongelegeerd staal. Voor specifiekere toepassingen of kwaliteiten worden legeringen gebruikt. Er wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen laaggelegeerd staal en hooggelegeerd staal. Hooggelegeerde staallegeringen starten vanaf circa 5%. Roestvast staal (een van de meest gebruikte legeringen) bevat grofweg tussen de 10% en 30% Chroom. Ook wordt in beperkte mate gelast aan andere metalen zoals koper, aluminium en nikkel. Met name wanneer aan legeringen wordt gelast, komen verschillende metalen vrij. Dit hangt samen met de lastoevoegmaterialen die worden afgestemd op het te lassen materiaal. Het kan hierbij gaan om, onder andere, Aluminium, Koper, Mangaan, Chroom, Nikkel, Wolfraam, Molybdeen, Beryllium, Vanadium, Lood, Kobalt etc. Tijdens laswerkzaamheden aan roestvast staal kan het kankerverwekkende hexavalent Chroom (Chroom-VI) ontstaan.

Mogelijke gevolgen van blootstelling aan lasrook

Naast gezondheidsproblemen kunnen door of tijdens de blootstelling aan lasrook ook psychosociale effecten optreden. De mogelijke effecten worden aangegeven door de grenswaardenvan lasrook. Bij het opstellen van grenswaarden voor lasrook of componenten hiervan is rekening gehouden met acute, dan wel chronische kritische gezondheidseffecten. Voor stoffen met een acuut gezondheidseffect is, naast de 8-uurs grenswaarde, vaak een 15-minuten grenswaarde beschikbaar. Voor stoffen met langetermijneffecten is niet alleen van belang of de 8-uurs grenswaarde wordt overschreden, maar ook hoe regelmatig dit gebeurt. Een incidentele slechte dag (met blootstelling boven de 8-uurs grenswaarde) heeft op de lange termijn minder impact dan blootstelling op of rondom de grenswaarde gedurende een langere periode.

Grenswaarden voor lasrook

De samenstelling van lasrook is zeer divers en sterk variabel. Het gaat om een mix van deeltjes, dampen en gassen van verschillende oorsprong. Dit is onder andere afhankelijk van gebruikte (toevoeg)materialen en lastechnieken. Om rekening te houden met de variatie in fysisch-chemische eigenschappen van componenten in lasrook en specifieke toxiciteit van sommige componenten wordt een algemene grenswaarde voor lasrook gehanteerd. Er bestaan een aantal stofspecifieke grenswaarden. Afhankelijk van de componenten die kunnen voorkomen in lasrook per situatie wordt bepaald of de grenswaarde voor lasrook of een stofspecifieke grenswaarde wordt gehanteerd. Bij toetsing aan grenswaarden is het van belang na te denken over het toetsingskader.

Fabrikanten van (lastoevoeg)materialen die bij het lassen worden gebruikt geven soms ook datasheets uit met informatie over de samenstelling van de lasrook die vrijkomt bij het verwerken van het desbetreffende materiaal. Hierin kunnen specifieke metalen worden vermeld. Houd echter in het achterhoofd dat dit standaardwaarden zijn die sterk kunnen afwijken van de werkelijkheid, zeker wanneer combinaties van materialen worden gebruikt of wanneer bijvoorbeeld oppervlaktebehandelingsmiddelen aanwezig zijn. Hanteer dit soort informatie als niet meer dan indicatief.

Hoe is de situatie bij u?

Heeft u nog vragen over Lasrook? Of bent u benieuwd wat u kunt doen om uw werknemers of collega’s nog beter te beschermen, neem dan gerust contact met ons op.